𝜱ΔΓΞΨβαΘπξ

Over Astrid Geerts

‘Secretaris en Commissaris Boekverkoop’, dat is de titel die ik een jaar lang vol trots mag dragen. Zelfs na een kleine maand klinkt deze titel nog officieel en een beetje onwennig in de oren. Gaat het echt over mij? Ja, het gaat echt over mij! Nou, dan ook maar een korte introductie!

Op de vroege zondagochtend van 22 november 1987 was het voor mijn ouders zo ver: hun eerste kindje. De komst van Astrid Josephina Elsina Geerts maakte hen niet alleen ouders, ook waren er ineens mensen met nieuw vergaarde titels als ‘opa’, ‘oma’, ‘oom’ en ‘tante’. Want al was aan mijn vaders kant een neef me een half jaar te snel af, aan de andere kant was ik de eerste ‘kleine’ in de familie. Na anderhalf jaar kwam daar een broertje (inmiddels qua lengte toch echt wel broer), genaamd Steven, bij.

Achttien jaren lang heb ik met veel plezier in Epe gewoond. Mijn ouders wonen daar nog altijd, samen met Steven. Een heerlijke plek om te wonen; binnen een straal van 20 km is er de IJssel, met zijn altijd mooie rivierbeddingen, is er heide en bos en zijn er weilanden in overvloed.
Mijn schoolgeschiedenis heeft zich ook geheel in Epe afgespeeld. Van bassischool naar middelbare school, welke ik met een VWo-diploma N&T en N&G op zak mocht verlaten. De keuze voor een technische studie was na 3VWO dus al vrij voor de hand liggend. Dat dit Toegepaste Wiskunde moest worden, daar kwam ik pas na een aantal open dagen en een meeloopdag achter. Rondlopend op de campus had ik het gevoel echt een beetje thuis te zijn, iets wat ik heel bijzonder, maar vooral heel fijn vond. Nu ik hier voor het derde jaar in Enschede zit blijkt gelukkig dat het absoluut een goede keus is geweest. Niet alleen bevalt de opleiding goed, ik voel me hier echt thuis.

Naast school was er natuurlijk ook nog tijd over voor andere dingen. Zo was ik vanaf mijn zesde op de atletiekbaan te vinden, waar ik vele jaren met veel plezier getraind heb (en waarvan de kampen me natuurlijk ook altijd bij zullen blijven). Dit bleek op mijn vijftiende niet meer zo leuk te zijn als het altijd was en voetbal, een jaar looptraining en twee jaar mountainbiken brachten me bij wielrennen. Iets wat ik nog altijd met veel plezier doe.
Ook heb ik jaren met veel plezier klarinet gespeeld. Vier jaar lang les leverden me een A-, B- en C-diploma op, maar vooral de jaren die ik in het harmonieorkest heb meegespeeld maakten het leuk. Elke week repeteren, een jaarlijks groot optreden en in de koninginnedag- en sinterklaasoptochten meelopen, ik vond het geweldig en ongelooflijk gezellig.
En vanaf mijn zestiende was ik ook nog elk weekend in de Blokker te vinden. Pas sinds dit collegejaar ben ik daar gestopt, wat me een heel nieuw verschijnsel laat leren kennen, namelijk vrije weekenden.

Van klarinetspelen is hier niks terecht gekomen, en ook pas dit jaar is het echt weer van sporten gekomen. Wel heb ik het maar meteen goed gedaan door niet alleen lid te worden van de triathlon-, maar ook van de knotsbalvereniging. En die vrije weekenden? Ook die weten zich vanzelf te vullen met (hardloop-)wedstrijden, familiebezoeken, (bestuurs-)uitjes of met hun oorspronkelijke doel: studeren.

Hoe het verder gaat lopen weet ik niet. Dat ik een jaar als trots bestuurder van deze mooie vereniging zal rondlopen weet ik echter wel. Het is een eer om W.S.G. Abacus, de vereniging waar ik vanaf het allereerste begin zoveel plezier aan heb beleefd, een jaar te mogen besturen. Met de heren en Nelly aan mijn zijde heb ik er het volste vertrouwen in dat dit gaat lukken en dat het een jaar zal worden om nooit te vergeten. En hopelijk wordt dit jaar, mede door onze inzet, ook voor jou onvergetelijk!